Mijn vaderwond: het patroon dat ik moest doorbreken
Mijn vader vertrok toen ik tien maanden oud was.
Niet omdat hij moest. Omdat hij niet meer verliefd was en weg wilde uit het bekrompen gelovige dorp waar we woonden. Hij koos zijn vrijheid boven mij.
Ik heb jaren gedaan alsof dat me niet gevormd heeft. Het heeft me gevormd. Dit is het verhaal van hoe ik het patroon dat hij me naliet, uiteindelijk doorbrak.
Drie generaties van dezelfde vlucht
Mijn opa was hoogleraar, arts, onderzoeker. Druk, afwezig, weinig tijd voor zijn zoon. Die zoon, mijn vader, groeide op zonder voorbeeld van wat het betekent om te blijven als het moeilijk wordt. Dus liep hij weg toen het zijn beurt was.
Ik groeide op tussen vrouwen. Mijn moeder, mijn zus. Lief, betrokken, maar geen van beiden kon me laten zien wat het is om als man te staan. Wat ik wél leerde: aanpassen. Zorgen dat iedereen tevreden was. Nooit te veel ruimte innemen.
Dat is geen toeval. Dat is een lijn. Opa naar vader, vader naar mij. Ergens moest iemand hem doorbreken.
Verdoven in plaats van voelen
Ik begon vroeg met drinken. Had veel verschillende vriendinnetjes, niet uit verlangen maar om de pijn niet te voelen. School liep niet lekker. Ik werkte lang in een kledingzaak en was niet trots op wat ik deed. Ik dacht dat mijn vader zich voor me zou schamen.
Ik voelde me minderwaardig tegenover andere mannen. Om dat gevoel te dempen zocht ik troost bij vrouwen, aandacht van buiten, bevestiging die nooit lang bleef hangen. Blowen om de stilte te vullen. Jaloers, behoeftig, claimerig in relaties, altijd op zoek naar iets om de leegte te vullen. Met alles, behalve mezelf.
Echte vrienden had ik niet. Alleen mannen om me heen ontbraken, en dat voelde ik, ook al kon ik toen nog niet benoemen wat er miste.
Wat vul jij met aandacht van anderen, dat eigenlijk om jezelf vraagt?
De bodem
Mijn relatie ging over. Mijn zenuwstelsel was op. Ik werkte mezelf kapot en kwam in een burn-out terecht. Pas toen kon ik niet langer doorlopen.
Ik ging in therapie en ontmoette daar mijn vaderwond, voor het eerst met naam en al. Ik begon te lezen. Psychotherapie, Carl Jung, en langzaam werd duidelijk waar mijn patronen vandaan kwamen. In 2019 startte ik mijn opleiding aan de Jung Academie in Amsterdam. Drie jaar therapie, schaduwwerk, eerlijk kijken naar de kanten van mezelf die ik het liefst wegstopte.
No More Mr. Nice Guy van Robert Glover was de hardste spiegel die ik ooit voorgehouden kreeg. Ik herkende mezelf op bijna elke pagina: het please-gedrag, de verborgen verwachtingen, de woede die ik nooit uitte omdat ik bang was er niet meer bij te horen.
Van vrouwen naar mannen
Het grootste keerpunt was niet een boek. Het waren mannen.
Ik zocht mentoren op. Deed mannencirkels. Voor het eerst in mijn leven ging ik niet naar vrouwen om gezien te worden, maar naar mannen. Daar ontdekte ik wat het is om te helen in verbinding, in plaats van steeds opnieuw diezelfde leegte te vullen bij een vriendin.
Dat is niet hetzelfde als praten over gevoelens. Het is eerlijk zijn tegenover mannen die je niet laten wegkomen met halve waarheden. Die je spiegelen zonder te oordelen.
Wanneer heb jij voor het laatst iets aan een andere man verteld dat je nog nooit had uitgesproken?
Vergeving zonder het verhaal te verdraaien
Mijn vader heb ik later leren vergeven. Ik heb hem in mijn hart gesloten en begrepen dat zijn verhaal nooit zwart-wit was. Hij was ook een zoon van een afwezige vader.
Maar vergeving betekent niet dat ik mijn pijn wegpoets. Ik heb geleerd die pijn te voelen zonder erin te blijven hangen als een kind dat wacht op wat hij nooit kreeg. Dat is een ander soort werk dan vergeven. Beide moesten gebeuren, in die volgorde.
In mijn wonden zit mijn werk
Duizenden euro's, tientallen boeken, jaren therapie en opleiding. Het heeft me gebracht waar ik nu sta: een praktijk die me vervult, een volwassen relatie, een leven dat van mij is en niet van een patroon dat drie generaties oud is.
Sinds 2021 begeleid ik een selecte groep mannen op dit pad. Mannen die bereid zijn eerlijk naar zichzelf te kijken, verantwoordelijkheid te nemen en klaar zijn om iets te doen met wat ze zien.
Het belangrijkste dat ik van mijn eigen mentor kreeg was stevige liefde. Zoals een vader die kan geven. Dat is wat ik aanbied. En het is wat je uiteindelijk zelf te geven hebt, aan jezelf, en op een dag misschien aan je eigen kind.
Het patroon stopt niet vanzelf. Iemand moet het besluit nemen. Bij mij was ik dat. De vraag is of jij dat bent.